PREEK VAN PASTOOR/PLEBAAN R.WAGENAAR, GEHOUDEN OP ZONDAG 30 MEI 2021 IN DE               ST. JOZEFKATHEDRAAL TE GRONINGEN.

Feest van de Heilige Drie-eenheid –B

In tegenstelling tot Joden en moslims geloven wij, Christenen, in een Drie-ene God, Vader, Zoon en Heilige Geest. Dat is het fundament van ons geloof: Eén God in Drie Personen. Het eerste grote mysterie en de eerste paradox in het Christelijk geloof.

Het woord Drievuldigheid komt in het Nieuwe Testament niet voor. In het Osten verschijnt het in de 2e eeuw (Trias) en in het Westen eerst in de 3e eeuw bij Tertullianus: Trinitas.

Wel kunnen we de drie namen in het Nieuwe Testament, die nauw met elkaar verbonden zijn, bijvoorbeeld, als Jezus bij Zijn Hemelvaart zegt: “Ga heen en maak alle volkeren tot Mijn leerlingen en doop hen in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest”. Op Pinksterdag zegt Petrus in zijn eerste Prediking: “God heeft Jezus doen verrijzen en daarvan zijn wij allen getuigen. Verheven aan Gods rechterhand, heeft Hij de beloofde Heilige Geest van de Vader ontvangen en deze uitgestort, zoals jullie zien en horen”.

Zo komen de drie namen in talrijke passages bij Paulus voor, in nauwe samenhang met elkaar. Kerkvader Ireneus van Lyon (180) zal later zeggen, dat de Zoon en de Geest de twee handen zijn van God. Geen van hen handelt zonder de andere. Een sterke hiërarchische band verbindt hen met elkaar. Eén enkele Goddelijke kracht is in de drie namen aan het werk.

Toch was daar niet alles mee gezegd voor de jonge Kerk. Er waren tal van disputen in de eerste 4 eeuwen van de Kerk. Was er niet toch een hiërarchie met bovenaan de Vader, daaronder de Zoon en daar weer onder de Heilige Geest? Nee, zei de Kerk: Vader, Zoon en Heilige Geest zijn wezensgelijk. Anderen dachten: het gaat om één persoon, die je soms als de Vader, dan weer als de Zoon, of de Heilige Geest zag. Nee, zei de kerk: het gaat om drie personen, Vader, Zoon en Heilige Geest.

God is in zichzelf, zoals Hij zich aan ons heeft getoond, door Zijn Zoon en Zijn Geest. God is niet eenzelvig. Betekent leven niet per definitie beweging en verandering? Zou een volstrekt eenzame God een Levende God zijn? En hoe zou Hij dan met het woord “liefde” kunnen worden omschreven? Hij moet leven van eeuwige uitwisseling. Hij moet gemeenschap zijn. Van Zijn eenheid moet het verschil, de andersheid deel uitmaken, zoals de liefde tussen man en vrouw, die volkomen gelijkwaardig zijn.

Vader, Zoon en Heilige Geest zijn naar hun wezen in alles gelijk, omdat ze elk de ene Goddelijke natuur bezitten. Tegelijk zijn ze verschillend. God ervaart de andersheid in Zichzelf en dat stelt Hem in staat om andere personen lief te hebben, met wie het verschil nog sterker is, ons dus.

De vraag, of God bestaat voor ons, of Hij zich voor ons interesseert, hangt hier nauw mee samen. Het zou wel eens kunnen zijn, dat het mysterie van de Drie-eenheid ons hierop antwoord geeft. Waarom heeft God de wereld en de mens geschapen? Dat God “gemeenschap” en “familie” is, dat Hij in zichzelf de ander en het verschil tegenkomt in de innerlijke drijfveer, die Hem tot scheppen aanzet.

Omdat Zijn leven “liefde” is, d.w.z. gave en uitwisseling, heeft Hij beslist iemand naar Zijn beeld te scheppen, aan wie Hij kon geven en met wie Hij kon uitwisselen.

God wil Zijn eigen leven met ons delen. Hij wil met ons een liefdesgemeenschap aangaan, die ons doet delen in liefde tussen de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

“Hij is geworden, wat wij zijn, om ons te maken tot wat Hij is”, zegt Ireneus van Lyon.

Liefde is delen, niet alleen je goederen, maar ook jezelf meedelen. Al, wat van mij is, is van jou en al, wat van jou is, is van mij. Dat is de logica van de liefde en dat is de logica van de menswording.

Als wij een Kruisteken maken, zeggen we de namen van de drie Goddelijke Personen: Vader, Zoon en Heilige Geest. Dat wijst op de aloude band tussen het Kruis en het mysterie van de Drie-eenheid.

De hedendaagse theologie ziet in het Kruis, dat niet losstaat van de Verrijzenis, de plek bij uitstek, waar de Drie-eenheid zich openbaart. Liefde, die onvoorwaardelijke liefde wil zijn, kan niet zonder ontlediging. Liefde is rijkdom én armoede. Het Kruis geeft ons daarvan het voorbeeld.

Jezus’ levensweg is helemaal gericht op de last van het Kruis; Hij bemint ons ten einde toe. Een liefde, die sterker is dan de dood en die uiteindelijk Gods ware heerlijkheid is.

Jezus’ doodskreet op het Kruis: “ Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn Geest” , is een geboorteschreeuw. Jezus geeft Zijn Geest aan de Vader. Die Geest wordt de gemeenschappelijke gave van de Vader en de Zoon aan de wereld.

In de Verrijzenis wekt de Vader de Zoon op door de kracht van de Heilige Geest.

Die gave van de Heilige Geest gaat verder: Hij wordt nu ook over de mensen uitgestort.

Wij vieren deze eerste Zondag na Pinksteren als een Dankfeest aan de Drie-ene God, die ons het Heil heeft gebracht:  Leven in liefde en in meervoud, voor ALTIJD!

Amen.