PREEK VAN PASTOOR/PLEBAAN R. WAGENAAR, GEHOUDEN OP ZONDAG 29 AUGUSTUS 2021 IN DE ST. JOZEFKATHEDRAAL TE GRONINGEN.

22e Zondag door het jaar – B

Over geboden, voorschriften en bepalingen spreken de Lezingen van deze Zondag. Maar hoe die te onderscheiden?

De houding en opmerkingen van de Farizeeën en Schriftgeleerden herkennen we wel. Mensen kunnen ook iemand terechtwijzen, als die zich niet aan de regels in het verkeer, of hoe dan ook houdt.

En natuurlijk moeten er regels en wetten zijn om de gemeenschap leefbaar te maken en op orde te houden. Welke gemeenschap kan zonder?

Maar als het de godsdienst betreft zijn er weliswaar ordeningen en voorschriften nodig, maar gaat het uiteindelijk om iets anders. Zeker hadden de joodse reinheidswetten een religieuze betekenis.

Het waren echter wel menselijke wetten, in de loop van de tijd bedacht, aangevuld en uitgebreid. Eigenlijk was men verstrikt geraakt in wetgeving en in de naleving ervan en zo werden die een ware belasting en verduisterden ze, waar het eigenlijk om moest gaan.

Niet wat mensen bedenken, maar de Geboden, die van Godswege komen, die tellen!

Uiterlijke eredienst kan God niet behagen, zoals in het Openingsgebed werd gezegd.

Jezus, Gods Zoon, heeft ons een nieuwe wet voorgehouden, die betreft liefde en gerechtigheid. Niet het uiterlijke telt, maar de innerlijke gesteldheid. Dat vraagt om verinnerlijking.

In mijn jeugd en velen zullen het herkennen, bestonden er boeken met plaatjes, waarin het onderscheid tussen goed en kwaad werd duidelijk gemaakt. Door plaatjes van handelingen met een engeltje erbij getekend, of een duiveltje. Zó werd ons geweten gevormd. Wat is dat geweten? Dat is een andere objectieve stem in mij, die mij duidelijk zegt, wat goed is en wat kwaad, niet-goed is.

Mijn eigen stem, die zich op de voorgrond dringt, is subjectief, altijd geneigd naar mijzelf welwillend te zijn en te verdoezelen, wat verkeerd is. Och, dat geeft toch niet?

Echter, die andere stem op de achtergrond, die is zuiver en helder. Die moeten we echter wíllen horen en er vervolgens naar handelen. DIE stem beantwoordt aan Gods Geboden en die betreffen alle de liefde, ten aanzien van God en van elkaar. Die stem van het geweten, zeggen de Kerkvaders, is Gods’ stem en wat Hij ons voorhoudt ten aanzien van de liefde, is niet tijdgebonden of veranderlijk.

Menselijke standpunten veranderen steeds weer, zoals in deze tijd, steeds sneller en willekeuriger. En dan is ook steeds sterker de druk van buitenaf in het zogenaamde politiek–correcte denken.

Wat is onze vrijheid? Wat is er over van onze vrijheid? We bekritiseren dictaturen en zien niet die, waar we zelf in terecht zijn gekomen. Want je kunt maar beter je mond houden, als je niet meegaat met de voorkeuren, die nu tellen en de veroordelingen van een ver verleden. En wat zal er over enige decennia verkondigd worden? Waarschijnlijk het tegenovergestelde van nu.

Hoe in al die stormen en stromingen in de menselijke geest stand te houden en te overleven?

Door de weg naar binnen te gaan, verinnerlijking, God te zoeken en in Hem de basis van ons leven te weten en tevens onze toekomst. En te bidden, dat onze samenleving, die zich van God heeft afgekeerd, zoals zo vaak eerder, al in het Oude Testament en telkens weer in de geschiedenis, de weg naar Hem mag terugvinden. Dat kan mede door onze eigen persoonlijke bekering, telkens weer, om de weg des Heren te bereiden.

Met ons, die bij Hem willen horen, moet het herstel beginnen, van zuivering, verinnerlijking, want de tijd, waarin wij leven heeft niemand onberoerd gelaten. En allen dragen we littekens daarvan.

Echter: CHRISTUS is daar, nu, toen en tot in eeuwigheid!

Amen