PREEK VAN PASTOOR/PLEBAAN R. WAGENAAR, GEHOUDEN OP ZONDAG 11 DECEMBER 2022 IN DE ST. FRANCISCUSKERK TE GRONINGEN.

Derde Zondag van de Advent – A

 

Een mens is een gecompliceerd wezen, een vat vol tegenstrijdigheden. Hij kan de ene keer zus doen of praten, de andere keer zo. Mensen kunnen ook zo heel verschillend over elkaar praten. De één vindt iemand aardig, sympathiek, betrouwbaar en een ander zegt over dezelfde persoon precies het tegenovergestelde. Inderdaad, mensen zijn nooit helemaal te doorgronden. Ja, we zijn ook een raadsel voor onszelf, zoals St. Paulus wist. Ik doe wel het kwade, dat ik niet wil en niet het goede, dat ik wel wil.

Vandaag horen we Johannes de Doper, in de gevangenis. Het zal zeker geen mooie nederlandse gevangenis zijn geweest met televisie en comfort. We kunnen ons zijn ellendige toestand voorstellen, als we soms beelden van gevangenissen elders in de wereld zien – ontberingen dus en de onzekerheid, hoe het wel met hem zou aflopen. Hij is zo op zichzelf teruggeworpen, dat hij aan alles gaat twijfelen. Die sterke Johannes, voor niemand bang, die het zo recht voor zijn raap kon zeggen. Weet u nog van vorige Zondag? Adderengebroed, beet hij de schriftgeleerden en farizeeën toe. En tenslotte had hij, heel consequent, koning Herodes de mantel uitgeveegd, omdat hij er met de vrouw van zijn broer vandoor was gegaan. Dat werd hem fataal en bracht hem in de gevangenis En nu slaat de twijfel toe. Is het angst? Moedeloosheid misschien? Alles voor niets geweest?

Hij laat dus vragen aan Jezus, of Hij werkelijk de komende is, d.w.z. de Messias, waarnaar men al zo lang uitzag en die hij had aangekondigd in krachtige bewoordingen: de rechtvaardigen zou Hij als tarwe verzamelen en de boosdoeners en onderdrukkers als kaf verbranden! Maar er gebeurde maar niets.

We kunnen daar wel iets van herkennen. Want al hebben wij het heel comfortabel, materieel gezien en glanst en glinstert er ons, zeker in deze weken, zoveel tegemoet, geestelijk is het vaak helemaal niet zo mooi. Er is veel verdriet en onzekerheid in gezinnen en families, zoveel ruzies en conflicten, karakters, die botsen, mensen, die elkaar niet meer willen zien of spreken. We bidden om verbetering, misschien vragen we ook vergeving voor ons eigen aandeel, we gaan naar de Kerk – en toch – er blijft dofheid en er verandert niets. Is God er wel?  Houdt Hij echt van ons? Waarom doet Hij dan niets?

Dat is natuurlijk ook de vraag van mensen, die door rampen, ziekten of verlies van dierbaren worden getroffen.

Maar willen we uit deze impasse komen, dan moeten we allereerst goed beseffen, wat geloof NIET is. Geloof is geen kennis op basis van geldige argumenten. Het steunt ook niet op kennis van feiten. Geloof is allereerst het stellen van vragen naar de zin van het leven, een poging om zichzelf en deze zichtbare wereld te overstijgen.
Mensen, die willen geloven, moeten een weg opgaan, een ladder opgaan, zoals in de droom van Jacob, die engelen zag opgaan en afdalen. Geloven kan alleen, door je los te maken van het vanzelfsprekende, voor de hand liggende – verder kijken, dan de dingen zich voordoen. Openstaan voor een werkelijkheid, die zoveel groter is dan de zichtbare.
Dat is de werkelijkheid van God. En misschien is ons beeld van Hem vaak vaag en teveel naar eigen wensen  en voorkeur gevormd.

Voor de serieuzen en goedwillenden is de weg naar Hem als door een woud met licht – en donkere plekken, maar vooral van vertrouwd verder gaan. Voor anderen zijn de verlokkingen van verfijnde kleding en mooie paleizen sterker. Zij zijn als de riethalmen, die liever niet verder denken, maar zich door de geest van de tijd en de mode van de dag laten bewegen. De stem van het geweten leggen zij het zwijgen op – te lastig – en ze leven het leven van de dag.                                          Maar misschien vindt men toch meer vreugde in meer diepgang, meer innerlijke zekerheid, als men de weg naar Christus gaat, waartoe de Advent ons uitdrukkelijk oproept.

Het mag ons te denken geven, enerzijds, dat wat het communisme in Rusland, met geloofsonderdrukking en vervolging, in 70 jaar niet is gelukt, het kapitalisme in ongeveer 30 jaar in West Europa en met name in ons land voor elkaar heeft gekregen en anderzijds mag het ons te denken geven, als we beelden, bijvoorbeeld uit Afrika, op de televisie zien en als je de verhalen hoort van mensen, die er waren, hoe opgewekt, tevreden en betrokken met elkaar en gastvrij men daar is. Zo vanzelfsprekend gelovig en vertrouwend op God in al hun armoede en ellende van honger, oorlog en geweld.

Ja, daar mogen we bij stilstaan en vooral bij onszelf te rade gaan. Misschien moeten we niet zozeer verwijten maken aan God, maar ons afvragen, hoe ons leven met Hem werkelijk is.

Inkeer en verzoening, om tot een echt Kerstfeest te komen.

Amen