PREEK VAN PASTOOR/PLEBAAN R. WAGENAAR, GEHOUDEN OP ZONDAG 19 JUNI 2022 IN DE
ST. JOZEFKATHEDRAAL TE GRONINGEN.

Feest van het Heilig Sacrament – C

Een prachtige eenheid vormt de Liturgie van Sacramentsdag, een Feest, dat we sinds de dertiende eeuw vieren en dat het geloof van de Kerk vanaf de vroegste tijd bevestigt.

Zoals de Heer het voordeed en zich gaf aan het Kruis, zo blijft Hij zich geven in het Sacrament des Altaars, iedere dag opnieuw, over heel de wereld op de wijze van het Laatste Avondmaal.

Ik zei, dat de Liturgie van dit Feest zo’n bijzondere eenheid vormt, in de keuze van de Lezingen uit de Heilige Schrift, in de Woorddienst en in de Eucharistische Dienst zelf.

Christus komt op verschillende wijzen tot ons, in iedere Eucharistieviering: in de Heilige Schrift, in het Sacrament, in de Priester en in ons samenzijn.

Vandaag geeft de Dienst van het Woord een verre en een nabije voorafbeelding van de Eucharistie, in het Oude Testament uit Genesis en in het Evangelie en daartussen in Paulus’ getuigenis, de oudste tekst in het Nieuwe Testament over de Eucharistie met een verwijzing naar het Eeuwig Gastmaal, die we kennen als Acclamatie na de Consecratie: Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood en wij belijden tot Gij wederkeert, dat Gij verrezen zijt.

Vandaag vormen de Lezingen, duidelijker dan ooit, de voorbereiding op de verwerkelijking in Jezus’ woorden in het Eucharistisch Gebed.

Het verhaal van het offer van Melchisedek van brood en wijn gaat aan de offercultus van Israël vooraf (Genesis 14: 18-20). De mysterievolle Priester – Koning van Salem, die geen voorgeslacht en geen nageslacht kende, gaat boven het vergankelijke van Leviticus uit en verwijst naar Christus’ Priesterschap, als de Alpha, die naar de Omega reikt.

In de wonderbare broodvermenigvuldiging wordt gezegd, dat Jezus brood nam, de ogen ten Hemel sloeg in dank aan de Vader, dat hij het brood zegende, zoals de Vader alles in handen had gelegd van de Zoon en dat Hij het brood daarna brak. Dit laatste verwijst naar Zijn eigen gebroken worden in Zijn lijden en op de mogelijkheid, om Zijn gaven oneindig te vermenigvuldigen. Dit bewerkt de Heilige Geest, zoals gezegd wordt in het direct voorafgaande Gebed: Zend dan Uw Geest, opdat dit brood en deze wijn Lichaam en Bloed worden van onze Heer Jezus Christus.

Jezus handelt niet uit zichzelf, op zichzelf, want steeds is het handelen een gave van de Drieëne liefde.

Deze heiligste gave omringt de Kerk met grote eerbied en zorg en vraagt zij om geloof, om dit Allerheiligst Sacrament te ontvangen, alsook om een zuiver hart.

Ja, het is het geheim van ons geloof – Mysterium Fidei –  geloof vraagt altijd om een stap over het redelijke heen. Zo geven mensen hun “ja” woord aan elkaar. Zo gaan wij een toekomst tegemoet, zo geloven wij op grond van het Woord van de Heer zelf en de constante leer van de Kerk.

Wij ontvangen Christus zelf in de Heilige Communie, wezenlijk, werkelijk en waarachtig.

De H. Bonaventura zegt in de dertiende eeuw: Dat Christus in dit Sacrament symbolisch tegenwoordig is – daarin ligt geen moeilijkheid. Dat Hij er werkelijk aanwezig is, net zoals in de Hemel, daarin ligt een hele grote moeilijkheid en daarom is het in hoge mate verdienstelijk, dit te geloven.

Zo blijft Zijn zelfgave in het ene Kruisoffer doorgaan.

Vandaag trekken in het zuiden van ons land de Processies, waarin Christus in deze blijvende gave wordt geëerd. Menswording en Verlossing grijpen in elkaar.

De Processies drukken onze levenstocht uit, die er één met Hem is, een pelgrimage, waarop Hij ons leidt naar ons levensdoel, dat in God besloten ligt.

Hier wordt het Hemelse met het aardse verbonden en het moet ook mooi zijn, want God is ook de Alschone. Zo willen wij dat uitdrukken met onze menselijke middelen, met een feestelijke tocht.

Wij aanbidden U, HEER en wij loven U, in geloof en grote dankbaarheid!

Amen