Het wordt steeds moeilijker tussen alle decoraties, glitter en lichtjes, het werkelijke Licht van Kerstmis te zien. Welk Licht?
“Het ware Licht dat ieder mens verlicht kwam in de wereld…. maar de wereld erkende Hem niet “ schrijft de apostel Johannes over de geboorte van Jezus.
God die mens wordt, een der onzen, om ons te laten delen in het goddelijk leven.
Het christelijke geloof is in die zin al uniek.
Overal ter wereld hebben mensen zich een beeld van God of een hogere macht gemaakt.
In het christelijk geloof is God degene die het initiatief neemt in de Schepping, de roeping van Abraham, van Mozes, waar blijkt dat Hij bij ons betrokken is. “Ik heb het lijden van mijn volk in Egypte gezien en ik wil het bevrijden”.
En tenslotte komt Hijzelf naar ons toe – niet in macht en majesteit, maar in armoede – kwetsbaar en klein.  Zo zal Hij sterven aan het kruis. Omwille van ons.
Dat tart ieder Godsbesef. Zo levensecht is God.
Er zijn mensen die zeggen dat het christelijk geloof een ideologie is zoals er zovele zijn, maar het gaat niet om een leer.
Het gaat om een persoon: Jezus Christus, Gods Zoon, die ons wel iets heeft willen leren n.l. wat liefde werkelijk is, in woord en daad, in de verkondiging en door Zijn volkomen zelfgave tot de slavendood toe. Liefde is niet genieten, jezelf zoeken, maar jezelf geven voor anderen.
De grote opdracht in ons leven is die liefde te willen leven en zo te werken aan een menswaardiger, liefdevolle wereld. Tallozen zijn Christus daarin gevolgd, de meesten onbekend maar in hun omgeving wel zo ervaren, en er zijn de bekenden, de heiligen die van het wereldse afstand hebben gedaan en die onvoorwaardelijk Christus wilden dienen in de liefde en daarin volhard hebben.
Het is op de liefde waarop wij eens geoordeeld worden.
De liefde hebben wij met het leven ontvangen. Alles hebben wij ontvangen voor wij er zelf vorm aan konden geven. Dat begint in het gezin. Van daaruit wordt de wereld groter voor ons en ook de opdracht om de liefde vorm te geven, waarbij we ook een andere kant in ons leren kennen.
We zoeken het licht, maar we worden ook getrokken door de duisternis, het ‘Ik’ dat zich telkens weer in ons opdringt. Daarbij zijn we de laatste 200 jaar in een steeds snellere ontwikkeling van wetenschap en technologie terechtgekomen, samen met een groeiende welvaart, die ons de illusie heeft gegeven dat we alles wel zelf konden.
God was overbodig geworden – dat is nog iets voor domme mensen. Zijn we dan rationeler geworden? Eerder emotioneler – we leven in een emocultuur en volgen de publieke opinie, nog ons enige houvast – al is het een strohalm die alle kanten opwaait.
Van beheerders van de Schepping hebben we ons tot heersers gemaakt, maar de keerzijde wordt ineens duidelijk. Soms denk je dat alles vast lijkt te lopen met de klimaatcrisis voorop.
Plotseling worden we geconfronteerd met tegendraadse ontwikkelingen. We hadden toch alles in de hand? Niet dus. Velen willen daarin meedenken en – handelen. Anderen zeggen dat het zo’n vaart niet loopt – dat het allemaal overtrokken is.
Hoe moeten wij als christenen, als gelovige mensen daar instaan? De ecologische crisis is al door verschillende pausen vanaf de goede Paus Joh. XXIII in 1963 gesignaleerd, en door alle pausen na hem. Paulus VI zei in een toespraak tot de FAO in 1971 dat de mens door onbezonnen uitbuiting van de natuur gevaar loopt haar te verwoesten en zelf slachtoffer van deze verwoesting te worden.
Onze huidige Paus Franciscus heeft er in 2015 een grote encycliek (= rondzendbrief) aan gewijd Laudato si, naar de H. Franciscus van Assisi, voorbeeld bij uitstek van de zorg voor wat zwak is en van de integrale ecologie die met vreugde wordt beleefd, in een lofprijzing aan God, met name in zijn befaamde Zonnelied.
In de encycliek  wordt alles genoemd waar wij nu zo over horen. Maar, zegt de Paus, de wereld is méér dan een probleem dat moet worden opgelost.  Naast de wetenschappelijke visie is er de gelovige visie en die mogen elkaar bevruchten.
Vooral is de wereld een vreugdevol mysterie dat wij met blijde lofprijzing beschouwen.
Alles hangt met elkaar samen, leven, gezin, sexualiteit, sociale betrekkingen, economie  enz. Dat komt steeds weer terug in deze brief alsook dat er een nauwe relatie is tussen de armen en de broosheid van de planeet.
Wat moeten wij doen? De Paus nodigt uit om andere manieren te zoeken om de economie en de vooruitgang te verstaan. Hij noemt het dwangmatig consumptiemechanisme door de markt waarin mensen worden meegezogen. De wegwerpcultuur, de overdaad en verspilling door een kleine groep terwijl 70% van de wereldbevolking in armoede leeft.
Eigenlijk moet het gaan om een ommekeer van het hart, tegen de ik-gerichtheid, het egocentrisme, de hebzucht. Dat we op een andere wijze gaan denken en leven. Het gaat niet alleen om regeringen, politiek, mega-bedrijven, multinationals. Het gaat ook om ieder van ons – te doen wat we kunnen om b.v. verspilling en vervuiling tegen te gaan. Een ommekeer van het hart.
Ik denk aan de wijzen uit het Oosten – de aanzienlijken  die ondanks hun voornaamheid nederig neerknielden bij het Christus Kind. Kunnen wij nog knielen, letterlijk en figuurlijk? Al kennen we misschien best diep in ons hart onze kleinheid – en niemand is zonder. Zou het niet bevrijdend zijn als wij die t.o. onze Heer en Schepper erkennen en tegelijk weten dat wij in het leven met Hem mogen delen?
Als we de geloofszin in ons wakker schudden, zouden we dan ook niet meer aandacht voor elkaar en voor de natuur krijgen in blijvende verwondering over de schoonheid van alles?
Eerbied voor God, eerbied voor het (menselijk) leven, eerbied voor de natuur. Alles hangt met elkaar samen. Dat we steeds weer nieuwe mensen mogen worden en dat  het Licht van kerstmis Licht in ons wordt. Dat wens ik ons allen toe.
Amen.

N.B. De Nederlandse vertaling van de encycliek Laudato Si is verkrijgbaar bij het bisdom Breda.
email: bestel@rkk.nl Prijs € 15,00
Binnenkort ook verkrijgbaar bij de boekenstand achter in de St. Jozefkathedraal.