Lezingen in de Sint-Martinusparochie  2019 – 2020

Alle lezingen vinden plaats aan de Radesingel 4 en beginnen om 20.00 uur.
—————————————–

Op 30 januari komt het rapport uit van de Staatscommissie over ‘voltooid leven’.
Hieronder een katholieke visie:
E
en voltooid leven is zeker nog niet af.
De inkt van de derde evaluatie van de euthanasiewet is nog maar amper droog. Het is een
evaluatie over de periode 2010-2015 waar de nauwkeurige lezer zich van afvraagt waarom die
zo weinig verontwaardiging oproept, aangezien er toch duidelijk sprake is van grote toename
van euthanasie. Ook de palliatieve sedatie lijkt steeds meer terecht te komen in een gebied dat
zo grijs is, dat het nauwelijks nog van zwart te onderscheiden is. Vanuit de samenleving klinkt
zelfs de vraag waarom we dat eigenlijk een probleem zouden moeten vinden. De roep om
zelfbeschikking is geworden tot een vanzelfsprekendheid, waarbij niets in de weg mag worden
gelegd van de vrije wil van de mondige mens. Wat moegestreden in de hoek blijft liggen, is de
vraag naar het hoe vrij en hoe autonoom een mens vandaag de dag eigenlijk is.
Waarom zou er aandacht moeten zijn voor mensen die zich verzetten tegen euthanasie? Wie
niet wil, die laat het toch gewoon? Vaak zijn het christenen die zich met hand en tand weren
tegen de euthanasiepraktijk, en ze krijgen dan ook net zo vaak het verwijt dat ze hun eigen
gelovige opvatting aan anderen willen opleggen. Maar is dat wel het geval? Gaat het wel om
gelovige opvattingen? Inderdaad hebben we als christenen een visie op mens en maatschappij,
die voortkomt uit de gelovige overtuiging dat God de Heer is van het leven. Tegelijkertijd is
dat geenszins de belangrijkste reden voor een heftig protest tegen euthanasie. Het tegengeluid
van een weldenkend mens is gebaseerd op het grote onrecht dat een mens bij euthanasie wordt
aangedaan, doordat in zo’n geval de waarde van het menselijk leven wordt teruggebracht tot de
pijn en de ellende die iemand treft. Dat een mensenleven ook als zodanig een onaantastbare
waarde en waardigheid heeft, wordt niet meer gezien. Dat iemand er mag zijn, ondanks alles
dat hem of haar kan treffen, heeft te maken met menselijkheid en niet met geloof, dat “slechts”
een verklaring biedt voor die prachtige realiteit. Bij de kwestie van euthanasie bij een voltooid
leven wordt dit duidelijk.
Wanneer de emoties van intens pijn en lijden namelijk niet meer zo’n rol spelen, dan ontstaat
er ruimte om de zaak nuchterder te bekijken. De vanzelfsprekendheid van euthanasie lijkt te
verdwijnen, als een voltooid leven de aanleiding is. Artsen en filosofen durven zich de vraag te
stellen of een dergelijke maatschappelijke beweging wel wenselijk of aanvaardbaar is. Ook het
buitenland stelt met verbazing vast dat euthanasie voor gezonde mensen in Nederland een feit
zou kunnen worden. Het is opmerkelijk dat een leven zo gemakkelijk “voltooid” genoemd
wordt. Vaak gaat het echter niet om een heel fundamenteel gevoel van voltooid leven. Bij
mensen die niet uitzichtloos lijden spelen toch ook vaak concrete noden een rol, zoals
eenzaamheid of onvermogen om met de complexiteit van het leven om te gaan. Daar is aandacht
van de omgeving, maatschappelijke ondersteuning en hulpverlening natuurlijk het juiste
antwoord, en niet euthanasie. Een voltooid leven impliceert dat je alles gedaan hebt wat je zou
willen doen en dat ook alles zo gelopen is, zoals je het je zou wensen. Het veronderstelt dat er
niets meer is dat iets zou kunnen bijdragen aan je leven. Iemand kan daar blijkbaar zo van
overtuigd zijn, dat hij zelfs niet eens meer de kans wil krijgen om aan zijn leven nog zin en
geluk toe te voegen. Zo beschouwd, wordt duidelijk dat er juist aan dat leven dus nog iets
ontbreekt: het zicht op de waarde van wat ik nog kan betekenen voor anderen, van de liefde die
ik van anderen ontvang en van de zin die mijn bestaan heeft voor de wereld waarin ik leef.
Zolang dat ontbreekt, is er nog werk aan de winkel. Juist bij degene die zijn leven als voltooid
beschouwt, is het ten enenmale niet af.
Het laatste woord is er nog niet over gezegd. Belangrijk is daarbij wel dat ook de politiek goed
moet zien, dat het laatste woord nog niet gezegd is. Zelfs dergelijke ingrijpende wetgeving lijkt
zich vaker op een niet meer te stoppen trein te bevinden. Bij tal van gevoelige onderwerpen is
2
de reactie op een maatschappelijke discussie dat “het er nu maar van moet komen”, zonder eerst
de uitgekristalliseerde resultaten van die discussie af te wachten. Voor iedereen wordt de
conclusie steeds meer zichtbaar dat Nederland zich verkeken heeft op de consequenties van een
euthanasiewet. Er blijkt structureel te weinig aandacht te zijn voor oprechte palliatieve zorg en
voor zingevingsvraagstukken. Juist in de discussie rondom voltooid leven, blijkt dat de
euthanasiewet nu niet uitgehold wordt omdat, zoals Theo Boer stelt in NRC, hij al leeg was. Is
er nog een weg terug? Natuurlijk. Maar het is de vraag of Nederland tot zo’n dappere reflectie
in staat is.
Dr. Lambert Hendriks is moraaltheoloog en voorzitter van de Katholieke Stichting Medische
Ethiek

————————————————————————

 
11 maart 2020 – Hoe denken over God in het licht van het lijden?

door mgr. dr. C.F.M. van den Hout

Het lijden maakt deel uit van het menselijk bestaan. Het is ook altijd een onderwerp geweest om over na te denken. Waarom is er lijden en waarom moet ik lijden? We kunnen er filosofisch over reflecteren, maar in het bijzonder stelt zich de vraag naar het lijden bij christenen. We geloven in een goede God. Hoe kan Hij het lijden toestaan of willen? Waarom is er het kwaad? Een definitief antwoord zullen we op deze vraag niet krijgen, zeker niet als het lijden ons persoonlijk raakt. We kunnen er wel over nadenken samen met gelovigen die het vóór ons hebben gedaan. Het boek Job helpt ons gedachten te formuleren over de betekenis van het lijden.
Mgr. dr. Ron van den Hout is bisschop van Groningen – Leeuwarden.
Hij studeerde Bijbelse Theologie aan de Pauselijke Universiteit Gregoriana in Rome en promoveerde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op een proefschrift over het boek van de profeet Zacharia.

21 april 2020 – De sociale kwestie in de christelijke politiek
door mr. Pia Lokin – Sassen

Vanaf het midden van de 19e eeuw ontstond er door de opkomende industrialisering ook in Nederland een arbeidersklasse, die rechteloos was en in grote armoede leefde. In de toenmalige overheersende (liberale) staatsopvatting was er in beginsel geen plaats voor overheidsinterventie om voor deze groep beschermende maatregelen te treffen. Het zgn Kinderwetje uit 1874, een initiatiefwet van het uit Groningen afkomstige liberale Tweede Kamerlid Samuel van Houten was “één zwaluw die nog geen lente maakt”. De Sociaal Democratische Bond van Domela Nieuwenhuis ontwikkelde zich tot een anarchistische, buitenparlementaire beweging. De Sociaal Democratische Arbeiders Partij onder leiding van Troelstra hing de marxistische leer aan en preekte de klassenstrijd en de revolutie en was niet bereid om ‘burgerlijke’ regeringsverantwoordelijkheid nemen. Het zijn vooral christelijke kabinetten geweest die de basis hebben gelegd voor de sociale wetgeving aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw.
Mw mr. Pia Lokin-Sassen studeerde van 1964 tot 1971 rechten in Nijmegen. In juni 1974 begon zij als wetenschappelijk medewerkster I aan de rechtenfaculteit van de RUGroningen. Tot 2009 doceerde zij aldaar onder meer Parlementaire Geschiedenis en Mensenrechten.
Van 2011 tot 2015 en van oktober 2017 tot juni 2019 was zij lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal voor het CDA.

 

12 mei 2020 – Maria in het christelijke Oosten
door L.C.M. van Leijsen, theoloog

De figuur van Maria neemt een belangrijke plaats in in de verschillende tradities van het oosters christendom. Welke rol heeft zij? Op deze avond kijken we om een antwoord op deze vraag te vinden naar een icoon van de ‘Moeder Gods’, zoals ze in de meeste tradities wordt genoemd. We kijken tevens naar een Bijbeltekst die belangrijk is voor de persoon van Maria in het christelijk Oosten en naar een toepasselijke tekst over Maria uit een oosterse kerk. Met dit alles laten we zo als het ware de oosterse traditie zelf aan het woord over Maria.
Leo van Leijsen is theoloog. Hij is medewerker Oosterse Kerken bij de Katholieke Vereniging voor Oecumene, een landelijke instelling gevestigd in ’s-Hertogenbosch.