Paus Franciscus heeft onlangs de 3e zondag van de tijd door het jaar uitgeroepen tot Zondag van Gods woord. Deze zondag is dit jaar inmiddels gepasseerd (26 januari). In een apostolische brief van 30 september 2019 heeft hij deze zondag aangekondigd. Deze brief heet in het Latijn Aperuit illis. Deze woorden verwijzen naar het verhaal van de Emmaüsgangers die met Jezus meelopen nadat Hij aan het kruis is gestorven. Zij luisteren naar zijn relaas en dan staat er: “Hij opende voor hen [aperuit illis] de geest om de Schriften te kunnen begrijpen.” Jezus opent onze geest, zodat wij de teksten van de Bijbel gaan begrijpen. Jezus vertelt dat de hele Bijbel over Hem gaat, ook het Oude Testament dat al vóór Hem tot stand gekomen was. Jezus is de sleutel om de soms moeilijke teksten te kunnen begrijpen. Dat is steeds weer zoeken en herlezen.

Als we de indruk hebben dat we de Bijbelverhalen al kennen, omdat we ze al zo vaak gehoord hebben, wordt het tijd om er dieper in te duiken. Zelf heb ik soms de ervaring dat ik een tekst helemaal niet begrijp, of dat de tekst zelfs nieuw is voor mij. Ik raak niet uitgelezen. Gelukkig maar, Gods Woord is onuitputtelijk. Het is als met een stromende waterbron. Je kunt er uit drinken, maar de bron raakt niet leeg.

In onze vieringen lezen we voor uit de Bijbel als uit een schat waaruit we telkens oud en nieuw tevoorschijn halen. Aandacht voor de lezingen blijkt uit het gebruik van het lectionarium en het evangelieboek. Het evangelieboek wordt door de diaken in de intredeprocessie meegedragen, of – als er geen diaken is – klaar gelegd op het altaar om tijdens het zingen van het Alleluia naar de lezenaar te worden gedragen. Het lectionarium ligt voor de viering klaar op de lezenaar (ambo). Het Woord Gods is belangrijk genoeg om goed, duidelijk en plechtig voorgelezen te worden.

+ Ron van den Hout
bisschop van Groningen – Leeuwarden